Bouw Stoomtram;

Van 1908 tot 1931 is er de Zuiderzeetramweg (een stoomtramlijn) van Hattemerbroek via Elburg naar Nunspeet met een zijtak van Wezep naar De Zande geweest.
De locomotieven op deze lijn waren van de NCS (Nederlandsche Centraal-Spoorweg-Maatschappij) en deze zijn gebouwd door Backer en Rueb in 1908 en hadden het uiterlijk van klassieke tramlocomotieven (zie de foto hiernaast waar de tram door de wallen van Elburg rijd).
De nrs. 1-5 reden op de lijn van Nunspeet naar Hattemerbroek en hadden in Elburg het centrale punt van de Zuiderzeetram, hier bevond zich net buiten de stadsgracht het station en de remise.
Een stukje Historie van de tram kunt u hier vinden,  Historie Tram

Nu lijkt mij het het leuk om zo’n stoomtramlocomotief na te bouwen voor spoor 1 – (1:22,5).
Ik maak net als van mijn andere modellen ook hiervan een met foto’s begeleidend verslag.

Om info te verzamelen heb ik een paar boekjes gekocht, één over de Stoomlocomotieven der Nederlandse tramwegen en één over de Zuiderzee stoomtram.
Het gaat over diverse tram locomotieven die in Nederland hebben rond gereden waaronder de Backer en Rueb die ik wil bouwen.
Hierin hoop ik ook wat info te vinden over de stoomtram die hier in Elburg heeft gereden.
En het zijn het sowieso leuke boekjes om te lezen over het stoomtijdperk.

Op de tram die ik ga nabouwen zit beplating op sommige plaatsen bevestigd met klinknagels.
Nu ga ik dat in mijn model uiteraard niet doen (veel te klein), maar het is wel mooi als het lijkt alsof er klinknagels in zitten.
Ik heb hiervoor een klinknagel imitatie pons gemaakt.
Deze monteer ik in de freesbank en gebruik die als pers en druk op deze manier bultjes in de plaat die lijken op klinknagels.

Omdat ik nog niet beschik over de juiste tekeningen maar van een kennis al wel de tekeningen van een soortgelijke  stoomtram heb ben ik begonnen aan de lampen die gelijk zijn.

Het is klein priegelwerk maar als je dan na een tijdje de vorderingen ziet en je lampje begint ergens op te lijken heb je wel eer van je werk.
Het is seriewerk want er komen er 4 op.

Voor het maken van de ophangbeugels voor de lampen heb ik een mal gemaakt die onder de pers het onderdeel in model kan persen.
Eerst het onderdeel uitgloeien, het koperen stripje warm stoken en rustig af laten koelen.
Nu in het malletje plaatsen en onder de pers in model drukken.

Omdat ik 4 lampen heb, doe ik dit 4 maal.
En klaar zijn de beugels die aan de lampen komen.

Nu moet ik nog beugeltjes maken (op dezelfde manier) die aan de tram komen waaraan de lampen komen te hangen.

Lensringen en glazen voor de lantarens gemaakt.

De reflector van een lamp is parabolisch, dat heb ik bereikt met een oliegroeffrees.
Ook lijkt mij het leuk als je de staaflamp ziet zitten en heb deze dus ook gemaakt.
Nu het geheel nog in elkaar solderen en een kleurtje geven.

Als alle onderdelen klaar zijn kan het in elkaar gesoldeerd worden.
Dit is nog wel even een gepiel, soldeer je het ene erop flikkert het andere er weer af.
Ondanks het gebruik van een heel klein brandertje moet je even een goede volgorde vinden dat alles blijft zitten.
Als laatste heb ik de bevestiging aan de achterplaat gesoldeerd en de achterplaat met twee componentenlijm aan de lamp gelijmd.
Toen alles in de primer gespoten en daarna in de kleur gebracht.
De tram heeft nu zowel voor als achter lampen.

Het onderstel van de tram maak ik van het trammetje “Brutus”, een tram waarvan het onderstel geschikt is voor de door mij te bouwen Backer en Rueb.
Hiervan heb ik de tekeningen, maar waarschijnlijk moet ik hieraan nog wel wat aanpassen.
Afgelopen week heb ik al wat materiaal kunnen vinden, (staal rond 40), geschikt om wielen van te maken.
Dus heb ik alvast er één opmaat gezaagd en de eerste bewerking op de draaibank uitgevoerd.
Het eerste wiel is bijna klaar, nog even afwerken en voorzien van een asgat.

De laatste behandelingen aan de wielen gedaan.
Asgat boren op 3,8mm en daarna met 4mm ruimer erdoor.
Eigenlijk waren het gewoon gladde wielen, maar ik vond het mooier om ze iets te verfraaien en heb de wielen voorzien van een kamer.
Dit geeft optisch een mooier uiterlijk vindt ik zelf.

Buffers maken.
Klein beetje draaiwerk en een plaatje op hardsolderen.

Vijzelsteunen maken.
Malletje gemaakt en vier dezelfde steunen onder de  4 tons pers geperst.

Deze tram heeft aan de voor en achterkant 3 buffers.
één grote in het midden en twee ronden weerszijden daarvan.
Deze heb ik uit een stukje messing gemaakt, omdat dit makkelijker te verwerken is.
En ze worden zwart dus je ziet daar niets van weer.

Toen ik de tekening had kon het echte werk beginnen.

De tekening heb ik overigens van Bram Hengeveld mogen lenen, waarvoor dank.
Bram heeft veel kennis van deze tram, hij heeft meegewerkt aan het boekje “de Zuiderzeestoomtram”.
Bram heeft de tram zelf ook gebouwd, zei het in een andere schaal als dat ik hem bouw.

Ik heb de drie aanzichten op ware grote ingescand, en ben daaraan gaan meten.
Nadat ik alles had opgemeten heb ik de werktekeningen gemaakt in een CAD programma.
Dit was een behoorlijke klus en nu ik aan het bouwen ben, moet ik af en toe nog wat kleine zaken in de tekening aanpassen omdat dat bouwtechnisch beter uitkomt.
Maar tot nu toe past alles wat ik opgemeten en getekend heb.

Als ik de carrosserie klaar heb ga ik het chassis en de motor tekenen en bouwen.

Voor en achterzijde van cabine maken.
De voor en achterzijde zijn gelijk dus heb ik 2 plaatjes op elkaar gelijmd, dan maak ik er in een keer twee.

De ramen uit de cabine frezen met een vingerfrees.
Met een kotterfreesje heb ik de rondingen van de ramen  eruit gefreesd.

Nog wat gaatjes boren en sleufjes frezen.
Het sleufje voor de klep was een experiment om het koperdraadje wat er opkomt op de goede plek te krijgen.
Deze word er later op gesoldeerd.

Voor de show heb ik even de buffers gemonteerd om een goede indruk te krijgen.
Nu de ronding van het dak nog en dan zijn de voor en achterzijde klaar.

De ronding van het dak gefreesd.
Door de platen op te spannen op een grote ronde schijf die op de verdeeltafel gemonteerd was kon ik de ronding er mooi aanmaken.

Trekhaak maken.
Klein priegelwerk, maar wel leuk om te doen, en ze horen erop.
Word vastgezet met een M2 boutje.

Na de voor- en achterkant, zijn nu de zijkanten aan de beurt.
Eerst de plaat helemaal blauw maken zodat je het aftekenen goed kunt zien.
In principe is het aftekenen niet nodig want ik werk met linialen op mijn freestafel.
Maar ik vind het wel prettig om te kunnen controleren of ik goed zit, en dat kan ik zien omdat ik het op de plaat heb getekend.
Als eerste heb ik de ramen eruit gefreesd.

Ik zit nog te twijfelen of ik de deurtjes eruit frees (open deurtjes) of niet.

Ook de zijkanten zijn nu geheel uitgefreesd.
Ondanks dat het simpel lijkt was het best wel bewerkelijk, je moet goed opletten waar je mee bezig bent (een foutje is gauw gemaakt)

Het luikje er in frezen was ook even nieuw voor mij, maar is goed gelukt.

Op het dak van de tram komt een pijpencondensor (een aantal buizen).
De steuntjes en buizen heb ik van massief messing gemaakt.

Messing iets verwarmen en dan in één keer buigen.
De onderdelen worden voorzien gaatjes en van M2.5 schroefdraad voorzien

Alle onderdelen voorzien van M2.5 schroefdraadeindjes.
Flenzen monteren en de onderdelen in elkaar schroeven en solderen.

Laatste bewerkingen aan de pijpencondensor.
Steuntjes maken voor de grote buizen en solderen.

Pijpencondensor op het dak bevestigen met M2 schroefjes en de sierstrip langs de dakrand aanbrengen.

Om het koperdraadje (1mm) tijdens het solderen op de plek te houden heb ik die vastgezet met 2 parallel klemmen.

Het dak is nu bijna klaar. Er moet nog een bel en een schootsteenrand op komen.

Het belletje maken.
Simpel draaiwerk en een beetje in de vorm vijlen.

Met een zelfgemaakt beiteltje een schuin kantje eraan draaien, op de kop een sleufje frezen en daarna de klepel er tussen solderen.

Klinknagels ponsen.
Op diverse plaatsen op het trammetje zat de beplating vroeger geklinknageld.
Om dit dit te simuleren heb ik nep-klinknagels geponst.
Eerst alles uittekenen, toen met de automatische centerpons putjes maken.
Door die ondiepe putjes kon ik de pons in de freesbank goed positioneren.

Een halfronde sierlijst aanbrengen.
Een 2,5 kwadraat installatiedraad op een tooltje wikkelen en voorzichtig afdraaien.
Stukje bij beetje in model drukken en solderen.

Voor en achterzijde cabine soldeerwerk gedaan.
Steuntjes gemaakt en aan de onderzijde vertind.
Daarna op de goede plek gelegd en aan de onderzijde verwarmd totdat de tin vloeide.

Om de tram goed stevig in elkaar te kunnen solderen heb ik verbindingshoekjes gemaakt.

Vervolgens met gebruik van lasmagneten de tram netjes haaks in elkaar gesoldeerd.
Daarna gestraald en in de primer gespoten.

Het dak is afneembaar gemaakt.
Op de hoeken van de cabine heb ik magneetjes gemonteerd.

Aan het dak heb ik stripjes gesoldeerd die precies tussen de zijwanden van de cabine passen.

De spiegel van de motor op maat frezen, de stoompoorten allemaal doorboren en daarna van schroefdraad voorzien om ze vervolgens af te kunnen sluiten.
En aansluitingen maken voor de in- en uitlaat leidingen.

Cilinder en cilinderhouder maken.
Ik maak eerst de cilinder zodat ik straks de zuiger er goed passend en soepel glijdend in kan maken.

De houder heb ik van een stuk rechthoekig messing gemaakt, die voorzien van een gat ter grote van de cilinder en vervolgens doorgezaagd en netjes bewerkt.

Zuiger, bigend en zuigerstang maken.
Bigend en zuigerstang (drijfstang) kun je ook in één keer maken, maar ik heb er voor gekozen om alles in losse onderdelen te maken.
De zuiger en het bigend zijn uit messing gemaakt en de zuigerstang uit zilverstaal met daarop aan beide zijde M2,5 schroefdraad.
Uiteraard zijn bigend en zuiger ook voorzien van M2,5 schroefdraad.

Het onderstel (chassis) van de tram maken.
Ik heb de twee plaatjes op elkaar gelijmd zodat ik ze in één keer kan maken.

Op deze manier zitten alle gaten mooi recht tegenover elkaar en past het netjes
Een op deze manier zitten de assen voor de wielen ook mooi recht tegenover elkaar.

Vloerplaat van de tram maken.
Een gat voor de motor frezen en een gat waar straks de ketel boven komt om hem te kunnen stoken.

Gelijk de tram maar even op de wielen gezet om alles te passen en om te kijken hoe het er straks uit komt te zien.

Motor met Resist-2 in elkaar solderen.
Goed opletten dat je de stoompoorten niet dicht soldeert.

 

Om de motor te testen, heb ik hem op lucht laten lopen.
Ik heb de stoompoort boringen tijdelijk afgesloten met schroefjes.
Als alles goed loopt worden deze vervangen door schroefdraadeindjes die met loctite worden vast gezet.

Ik heb een filmpje van de test gemaakt die hiernaast te zien is.

De voor en achter wielen worden gekoppeld door middel van koppelstangen, hieronder zie je hoe ik die gemaakt heb.

Smeerautomaat maken.
In het smeerautomaat word stoomolie gedaan, de stoom condenseert en het condensaat zakt door de olie waardoor het potje voller word en voert zodoende olie mee de stoomleiding in naar de motor.

Sproeiertje maken, de draaibank zachtjes laten draaien en het boortje in de hand houden.

Sproeierhouder uit een stukje rond messing gedraaid.

Brander maken,
Een RVS buisje heb ik aan het einde dicht gemaakt door hem van schroefdraad en een klein felsrandje te voorzien, ook van RVS een stopje gemaakt. Het geheel in elkaar geschroefd en om gefelst.

De RVS buis word van brandersleuven voorzien door hem op de freesmachine 3mm in te zagen.
In dit geval 13 sleuven.

Brander houder maken,
Gat maken voor de brander en een 6mm gat voor beluchting.
Brander word vastgezet met een M3 borgschroefje.

Gastank maken,
Gastank is van een rond 22mm koperen buis gemaakt.
Boven en onder een messing deksel, bovenste deksel is voorzien van een gasvulnippel.
In de zijkant is een regelschroef voor de gastoevoer naar de brander geplaatst.